Economische vooruitzichten Colombia: vrij goed maar niet zonder gevaren

Het Internationale Monetaire Fonds heeft de groeiverwachting voor Colombia voor 2019 op 3,5% gesteld. Een kleine groeiversnelling zit er zelfs in: voor 2020 verwacht het IMF een 3,6% toename van de bestedingen. (Het betreft hier volumegroei: als je de prijsstijging ook meeneemt komt de groei hoger uit.) Het fonds komt tot deze conclusies na een officieel bezoek aan het land, waarover de zakenkrant Portafolio uitvoerig bericht (portafolio.co/economia). Ter vergelijking: dit is gelijk aan de projecties voor de wereldeconomie. De volumegroei over 2019 was voor Nederland echter slechts 2,9%, in 2018 was hij 2,5% en voor dit jaar staat een verdere groeivertraging voor de deur: 1,5%.

Als de bevolking meer besteedt is dat een duidelijke indicatie dat de welvaart toeneemt, ook al blijkt uit niets of deze welvaart ook beter verdeeld is. De binnenlandse consumptieve vraag is voor de groei de hoofdverantwoordelijke. Het Bruto Binnenlands Product – dat gewoonlijk als belangrijkste indicator wordt gebruikt voor groeivoorspellingen – is opgebouwd uit de bestedingen aan goederen en diensten voor consumenten, aan kapitaalgoederen voor bedrijven, verder aan producten voor de export en ten slotte de overheidsbestedingen. De consumenten nemen hier dus kennelijk het voortouw, al doen de bedrijfsinvesteringen het ook heel goed.

Daarbij zijn de investeringen door bedrijven ook aan de beterende hand. De chef de mission van het bezoek van het IMF stelt dat fiscale stimulans het herstel van de investeringen mede heeft mogelijk gemaakt. Verder blijkt de immigratie een duidelijke invloed op het groeicijfer gehad te hebben. Toch zijn er ook zwakheden.

Zo heeft een wet om investeringen te financieren geleid tot minder belastinginkomsten. Tegelijk stijgen de overheidsuitgaven door de migratie die vooral uit buurland Venezuela komt. Verder valt met name op dat de handelsbalans snel verslechtert. Als een land relatief snel groeit zie je meestal de importen sneller stijgen dan de exporten. In Colombia leidt dat tot tekorten die weer met kapitaalimport gefinancierd moeten worden. Ten slotte is de werkloosheid nog steeds hoog.

Het IMF stelt dat de belastingopbrengsten omhoog kunnen. Met name is de belastingbasis onder de middenklasse nog te smal. Dat betekent dat onder een groter aantal mensen uit de groeiende middenklasse over een grotere verscheidenheid van activiteiten belasting geheven zou moeten worden.

Niettemin lijkt Colombia economisch zonniger tijden tegemoet te gaan dan ons land, dat over de top van de conjunctuur heen is. Het IMF spreekt van ‘gedeeltelijk goed’ economisch herstel, ongeveer langs het eerder verwachte pad.

Menno Rol

Menno Rol

Filosoof en econoom aan de Rijksuniversiteit Groningen
Menno Rol
Bron :

Foto:El Nuevo Siglo