De Colombiaanse president Gustavo Petro heeft woensdag alle resterende Israëlische diplomaten het land uitgewezen. Tegelijkertijd kondigde hij de opschorting aan van de vrijhandelsovereenkomst met Israël. De ingrijpende maatregelen volgen op de onderschepping door de Israëlische marine van een naar Gaza varende vloot, waarbij ook twee Colombianen aan boord waren.
Volgens Petro namen zijn landgenoten deel aan humanitaire activiteiten in solidariteit met Palestina. Hij eiste hun onmiddellijke vrijlating. Aan boord van de schepen bevonden zich activisten uit meer dan veertig landen. Onder hen was de Zweedse klimaatactiviste Greta Thunberg, die samen met anderen probeerde internationale aandacht te vestigen op de situatie in Gaza.
De vloot vertrok vorige maand vanuit Spanje met het doel hulpgoederen te vervoeren. Israël ziet de missie echter niet als een humanitair initiatief maar als een politieke provocatie, bedoeld om steun te verlenen aan Hamas. Na de onderschepping volgden in verschillende landen demonstraties en felle internationale reacties.
De stap van Petro markeert een nieuwe escalatie in de relaties tussen Colombia en Israël. In mei had Colombia al zijn ambassadeur uit Tel Aviv teruggeroepen vanwege de Israëlische militaire operaties in Gaza. De uitzetting van de diplomaten betekent dat de diplomatieke banden nu vrijwel zijn bevroren.
De kwestie speelt tegen de achtergrond van bredere internationale spanningen rond president Petro. Vorige week verloor hij zijn Amerikaanse visum, nadat hij na de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties Amerikaanse soldaten opriep bevelen van president Donald Trump naast zich neer te leggen.
Met de recente maatregelen profileert Petro zich nadrukkelijk als een uitgesproken voorstander van humanitaire steun aan Palestina, ook als dat hem in conflict brengt met bondgenoten van Colombia.