De Amerikaanse president Donald Trump heeft aangekondigd dat Colombia mogelijk het doelwit kan worden van Amerikaanse grondaanvallen vanwege de cocaïneproductie in het land. Volgens Trump zijn dergelijke acties niet beperkt tot Venezuela, maar kunnen ze ook worden gericht tegen andere landen die betrokken zijn bij de drugshandel met de Verenigde Staten.
Tijdens een kabinetsvergadering zei Trump dat “iedereen die cocaïne produceert en in de VS verkoopt, risico loopt aangevallen te worden”. De president herhaalde zijn eerdere beschuldigingen dat Colombia en Mexico “door drugskartels worden bestuurd” en verklaarde dat sommige regeringen “hun gevangenissen leegmaken” door criminelen naar de VS te sturen.
De uitspraken komen te midden van toenemende militaire activiteiten in het Caribisch gebied, waar Amerikaanse troepen sinds september aanvallen uitvoeren op zogenoemde “narcolanchas” in internationale wateren nabij Venezuela. Volgens Washington kwamen bij die aanvallen al meer dan tachtig vermeende “narcoterroristen” om. De Amerikaanse minister van Oorlog, Pete Hegseth, verklaarde dat de operatie nog maar net is begonnen en bedoeld is om een afschrikwekkend effect te creëren. “Het is moeilijker geworden om boten te vinden om aan te vallen, wat precies het doel is,” aldus Hegseth.
De spanning nam verder toe nadat bekend werd dat de Colombiaanse president Gustavo Petro op de Amerikaanse “Clintonlijst” was geplaatst, kort nadat Trump opriep tot strengere maatregelen tegen landen die drugs exporteren. Petro heeft de bombardementen op drugsschepen in zowel het Caribisch gebied als de Stille Oceaan krachtig veroordeeld. Hij sprak zich ook uit tegen het sluiten van het Venezolaanse luchtruim, een maatregel die Trump onlangs heeft bepleit.
De Amerikaanse operaties krijgen ook kritiek vanuit het Congres. Meerdere wetgevers hebben twijfel geuit over de wettigheid van een aanval op 2 september, waarbij twee overlevenden van een eerder beschoten “narcolancha” doelbewust werden geëxecuteerd. Volgens sommige leden van het Congres zou deze actie als oorlogsmisdaad kunnen worden beschouwd.
Hoewel het Witte Huis de verantwoordelijkheid bij admiraal Frank Bradley legt, lijkt de Amerikaanse campagne tegen de drugshandel in Latijns-Amerika verder te escaleren, met Colombia nu in het vizier van Washington.