Colombia viert vandaag 20 juli de 216e verjaardag van zijn onafhankelijkheid met militaire parades en herdenkingsactiviteiten in het hele land. Opvallend is dat de traditionele hoofdparade in Bogotá dit jaar niet plaatsvindt op de gebruikelijke locatie, maar in de zuidelijke wijken Bosa en Ciudad Bolívar. President Gustavo Petro wil de nationale viering daarmee dichter bij nieuwe bevolkingsgroepen brengen.
De parade in de hoofdstad trekt langs de Avenida Villavicencio en doorkruist verschillende woonwijken. Ook in steden als Medellín, Barranquilla, Cali en Pasto staan parades en publieke evenementen op het programma, met lokale verkeersmaatregelen om de activiteiten mogelijk te maken.
Naast de festiviteiten klinkt er ook een duidelijke politieke toon. President Petro riep leden van zijn coalitie op om niet samen te werken met bondgenoten van de verkozen president Abelardo De La Espriella bij de verkiezing van het congresbestuur. De La Espriella zelf sprak van een “nieuwe fase” voor Colombia en woonde een parade bij in Medellín.
De commandant van de strijdkrachten benadrukte tijdens de herdenking het belang van nationale soevereiniteit en veiligheid. Internationaal kwam er steun uit de Verenigde Staten, waar minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio Colombia feliciteerde met de nationale feestdag.
Hoewel de dag in het teken staat van nationale eenheid, onderstrepen de politieke uitspraken de spanningen rond de machtswisseling. De Onafhankelijkheidsdag fungeert daarmee niet alleen als herdenking, maar ook als moment van politieke positionering.