JEP eist betere beveiliging na ontvoering van advocaat in Cauca

De Speciale Jurisdictie voor de Vrede, de JEP, heeft de Colombiaanse regering en de Nationale Beschermingseenheid, de UNP, gevraagd de beveiliging van haar medewerkers in de regio’s onmiddellijk te versterken. De oproep volgt op de ontvoering van advocaat Sandra Mónica Herrera en twee beveiligers in de gemeente Páez, in het departement Cauca.

De drie werden ongeveer 40 minuten vastgehouden bij het kruispunt van Itaibe. Volgens de JEP onderschepten gewapende mannen met geweren en pistolen het voertuig van de UNP waarin Herrera en haar beveiligers reisden. De daders dwongen hen uit te stappen en namen de beveiligde auto en de dienstwapens van de beveiligers mee.

Herrera en de twee beveiligers werden later bij een brug op een onverharde weg richting Páez achtergelaten. Zij verkeerden volgens de JEP in goede gezondheid. De advocaat was onderweg van Hobo naar La Plata, in Huila, voor werkzaamheden als juridisch vertegenwoordiger van personen die voor de JEP verschijnen.

De daders droegen volgens de beschikbare informatie zwarte kleding en rubberen laarzen. Vermoedelijk wisten zij dat het voertuig van de UNP was.

De JEP noemt de gebeurtenis een ontvoering, omdat de drie personen onder dwang werden vastgehouden. Volgens het tribunaal is het incident het ernstigste in een reeks bedreigingen tegen Herrera vanwege haar werk voor voormalige FARC-leden. Zij had eerder veiligheidsrisico’s gemeld. De UNP kende haar daarom op 6 mei een beveiligingsteam toe.

De JEP waarschuwt dat medewerkers en magistraten hun werk in de regio’s moeten kunnen uitvoeren zonder dat hun leven in gevaar komt.

Bron :
Foto:noticiascaracol.com